Jachttoerisme Botswana verkocht als «beschermingsproject»
Wanneer natuurbescherming opeens naar champagne ruikt.
Botswana geldt voor velen als het laatste paradijs voor olifanten – een land dat trots is op zijn bescherming van wilde dieren.
Maar de afgelopen jaren klinkt steeds vaker kritiek: voorname safarilodges en privéreservaten, die zogenaamd de natuurbescherming dienen, openen niet zelden ook hun poorten voor kapitaalkrachtige hobby-jagers.
Een bijzonder opzienbarend voorbeeld is een project dat werd opgericht door het Berlijnse ondernemersechtpaar Rainer en Petra Schorr. Over hun privéreservaat in Botswana berichtte de Tagesspiegel onder de kop «De droom van een eigen reservaat». Het paar exploiteert daar een luxe lodge, die wordt gepresenteerd als beschermingsgebied voor wilde dieren – inclusief een eigen vliegveld, zwembaden en «duurzaam toerisme».
Tussen safari, beschermingsgebied en schietbaan
In theorie klinkt dat goed: toerisme moet geld naar afgelegen regio's brengen, banen scheppen en de bescherming van wilde dieren financieren. In de praktijk vervagen de grenzen echter vaak.
Dierenbeschermingsorganisaties zoals PETA en meerdere internationale media herinnerden eraan dat Rainer Schorr in 2015 in het nieuws kwam, nadat een uitzonderlijk grote olifantenstier in Zimbabwe werd gedood. Volgens PETA zou Schorr de trofeeënjager zijn geweest; hij ontkende de beschuldigingen zelf tegenover Britse media en verklaarde dat men «de verkeerde persoon» had geïdentificeerd.
De episode laat echter zien hoe nauw het onderwerp jacht, luxe en natuurbescherming in Afrika met elkaar verweven is. Want ook de manager van de lodge, Carl Knight, exploiteert met «Take Aim Safaris» een onderneming die grofwildjachten in meerdere Afrikaanse landen organiseert.
De dubbele moraal van het «groene» jachttoerisme
Voorstanders beweren dat de gecontroleerde jacht deel uitmaakt van een duurzaam beheer: alleen oude, overtollige wilde dieren zouden worden weggenomen, en de hoge vergunningskosten zouden ten goede komen aan de lokale bevolking en de bescherming van de leefgebieden.
Maar deze redenering brokkelt af bij nader inzien. Studies en NGO-rapporten tonen aan dat slechts een fractie van de jachtinkomsten daadwerkelijk bij de gemeenten terechtkomt. Het grootste deel vloeit naar particuliere exploitanten, licentiehouders en bemiddelingsbureaus.
En wie ooit de prijslijsten van een trofeeënjacht heeft gelezen, weet: het gaat niet om noodzaak, maar om exclusiviteit. De jacht op een dier wordt een statuskwestie – een prestige-evenement voor welgestelden, geënsceneerd met koloniale esthetiek en vermarkt als «avontuur met een goed geweten».
Water, welvaart en tegenstrijdigheden
Botswana kampt regelmatig met droogteperiodes en waterschaarste. Toch verrijzen in de savannes complexen met zwembaden, airconditioning en exclusieve villa's – voor gasten die duizenden euro's per nacht betalen.
Terwijl de lokale bevolking vaak nauwelijks toegang heeft tot schoon drinkwater, slokken deze luxeprojecten enorme hoeveelheden middelen op. De tegenstrijdigheid is overduidelijk: onder het mom van natuurbescherming wordt een infrastructuur opgetuigd die primair het welzijn van westerse bezoekers dient.
Een systeem zonder verantwoordelijkheid
De exploitanten van zulke reservaten spreken graag over «overpopulatie» en «ecologisch evenwicht» wanneer afschot wordt goedgekeurd. Maar wie controleert hoe deze quota tot stand komen?
Veel Afrikaanse landen beschikken over zwakke controlemechanismen, en de band tussen jachtlicenties, politiek en geld is hecht. Daar komt bij: zodra westerse investeerders met professionele pr-bureaus optreden, worden kritische vragen al snel overstemd.
Zo veranderen jachtgebieden in luxueuze «Conservation Estates» en trofeefoto's. Het narratief: wij zijn geen jagers – wij zijn redders.
De olifant in de kamer blijft
Echte hulp heeft geen geweer nodig. Zolang luxe en jacht onder het mom van natuurbescherming worden bedreven, blijft het begrip «duurzaam» een aanfluiting.
Natuurbescherming is geen lifestyleproject voor investeerders en geen pr-strategie voor westerse ondernemers. Het is een verplichting tegenover de dieren, de ecosystemen en de mensen ter plaatse.
Botswana, Zimbabwe en Namibië hebben bewezen dat duurzaam ecotoerisme werkt – zonder schoten, zonder trofeeën, zonder valse heldenbeelden.
LATEN WE IN CONTACT BLIJVEN!
We sturen je graag het laatste nieuws en de nieuwste aanbiedingen in onze nieuwsbrief.
Steun ons werk
Met jouw donatie help je dieren te beschermen en hun stem te laten horen.
Doneer nu →