17 juni 2026, 16:43

Zoeken

Kritiek op de Fäälimärt 2026 in Sursee

Hoe dergelijke evenementen traditie, commercie en dierenleed verbinden.

Kritiek op bont-, vacht- en trofee-evenementen in Zwitserland, geïllustreerd aan de hand van de traditionele bontvachtmarkt in Sursee (LU) van 10 februari 2026.

Wilde dieren zijn geen handelswaar voor amusement, prestige en commercie.

IG Wild beim Wild bekritiseert bont-, vacht- en trofee-evenementen in Zwitserland  ten scherpste. Dergelijke evenementen presenteren jaar na jaar gedode wilde dieren als trofeeën, decoratieobjecten en handelswaar. Daarmee wordt een omgang met wilde dieren genormaliseerd die niet meer van deze tijd is en die duidelijk in strijd is met de maatschappelijke verwachtingen op het gebied van dierenethiek en respect voor medeschepselen.

De organisatoren verkopen deze gebeurtenissen als het in stand houden van tradities en als bijdrage aan het zogenaamde wildbeheer. In werkelijkheid staan gedode wilde dieren centraal, waarvan de lichaamsdelen worden opgemeten, beoordeeld, bekroond of als waar verhandeld. Deze praktijk bevordert een achterhaalde trofeeëncultuur, waarin niet het dier als voelend individu telt, maar de jachtprestatie en de grootte van geweien, horens of andere «succestekens».

Bijzonder stuitend is dat dergelijke gebeurtenissen daarnaast dienen als marktplaats voor de handel in pelzen. Daarbij worden vossenvellen en andere huiden opgekocht, beoordeeld, deels bekroond of verloot. Deze handel negeert het leed dat achter elk afzonderlijk vel schuilgaat en draagt eraan bij wilde dieren als grondstof te beschouwen. Terwijl de politiek en de samenleving stappen zetten richting beperking van de bonthandel, wordt in Zwitserland nog steeds een gecommercialiseerde vorm van hobbyjacht gevierd die ethisch nauwelijks te verantwoorden is.

Dergelijke markten zijn geen folklore, maar onderdeel van een systeem dat dierenlichamen tot koopwaar maakt. Wanneer vellen tegen stukprijzen worden verhandeld, wordt dierenleed een rekensom. Precies deze logica is onverenigbaar met een modern begrip van wildbescherming.

De IG Wild beim Wild wijst er bovendien op dat de getoonde jachtpraktijk vaak een geflatteerd beeld geeft. In werkelijkheid horen misschoten, gewonde dieren en lange lijdenswegen tot de dagelijkse realiteit van de hobbyjacht. Deze aspecten worden bij dergelijke gebeurtenissen niet besproken en evenmin door de verantwoordelijken openlijk gecommuniceerd. De bewering dat trofeeëntentoonstellingen dienen voor de analyse van de toestand van de wildpopulaties, is nauwelijks houdbaar. Wetenschappelijk onderbouwde monitoringinstrumenten hebben geen tentoongestelde schedels en geweien nodig, die primair dienen voor zelfprofilering. Trofeeën zijn een materiële uitdrukking van gedode wilde dieren, waarvan de afschotkwaliteit, het nazoeken en het leed in het officiële beeld nauwelijks voorkomen.

Vanuit het oogpunt van dierenwelzijn is het bovendien zorgwekkend dat kinderen en jongeren aan dergelijke evenementen worden blootgesteld zonder dat hun een respectvolle en eigentijdse omgang met wilde dieren wordt bijgebracht. In plaats van kennisoverdracht staat een spektakel centraal dat geweld bagatelliseert en een geromantiseerde jachtwereld propageert.

Wapenhandelaren, fabrikanten van optische apparatuur, jachtaccessoires, jachtreizen, verlotingen van jachtafschoten in het buitenland: er ontstaat een jachtindustrieel geweldssysteem waarin afschoten en dierenlichamen deel uitmaken van een verkoopsysteem.

Wie zinloos doodt, beschermt niet, en de beschaafde samenleving heeft er niets aan. Hobbyjagers zorgen dus niet voor gezonde of natuurlijke wildpopulaties, in het bijzonder niet met hun afschuwelijke vossenjacht. Dergelijke evenementen werpen geregeld vragen op over ethische aspecten, vergunningspraktijk en de uitwerking op het publiek, en het wordt tijd dat ze politiek en maatschappelijk eindelijk grondig worden herzien.

De IG Wild beim Wild roept de verantwoordelijken in gemeenten, steden en kantons op om dergelijke evenementen fundamenteel te heroverwegen. Een beschaafde samenleving heeft geen wedstrijden nodig waarbij dode wilde dieren als successen worden gepresenteerd, en zij heeft geen markt nodig waarop vellen als willekeurige handelswaar worden verhandeld. Wat in plaats daarvan nodig is, is een respectvol begrip van wilde dieren, een vakkundig onderbouwde wilddierenecologie en een afkeer van de hobbyjacht.