Hoe je een echte natuurvriend met geweer wordt
Wie heeft er nog wandelingen of fototoestellen nodig, wanneer je echte verbondenheid met de natuur kunt tonen met een geluiddemper? De moderne versie van de natuurvriend draagt camouflagekleding ter waarde van een kleine auto, rijdt SUV en houdt van niets zoveel als de zonsopkomst door een richtkijker – met een hartslag van 130 en adrenaline in aanslag. Want niets is zo authentiek als een natuurvriend die pas van de natuur houdt wanneer ze stil aan de haak hangt.
Natuurlijk, dat mogen we niet vergeten: hobbyjaagsters en hobbyjagers handelen immers niet uit eigenbelang, ze hebben een staatsopdracht! Dat zeggen ze tenminste. Een opdracht die ze zelf hebben opgesteld, gekeurd en goedgekeurd, geheel objectief uiteraard.
Een ware kringloop van verantwoordelijkheid: de hobbyjagers verklaren zichzelf tot wildhoeders, schieten een paar dieren en wijzen vervolgens trots naar de politiek, die dat zogenaamd zo zou willen. Verantwoordelijkheid is sowieso een lievelingswoord. Het klinkt naar plichtsbesef, naar burgerzin, bijna heldhaftig. Wanneer iemand vraagt waaruit deze verantwoordelijkheid concreet bestaat, luidt het antwoord meestal: «Ja, eh … dat met de natuur dan.»
Zo wordt het hobbyjagen tot een morele topprestatie, waarbij men tegelijkertijd dader, controle-instantie en applausgever is. Wie heeft er dan nog scheiding nodig tussen ambt en passie, wanneer alles zo prachtig ambtelijk klinkt?
De kwestie van het natuurbegrip
Bijzonder charmant is ook het pedagogische zendingsbesef van veel hobbyjaagsters en hobbyjagers. Met ernstige stem leggen ze aan iedereen die geen wapens draagt uit dat die de «samenhangen in de natuur» helemaal niet begrijpen. Alleen wie regelmatig levende wezens doodschiet, zou het grote geheel kunnen bevatten, zo luidt de logica.
In werkelijkheid zijn het echter vaak juist diegenen die er een eigenaardig, bijna sektarisch wereldbeeld op nahouden. Over generaties doorgegeven stamtafelwijsheden worden tot natuurwetten verheven, en wie iets anders zegt, geldt meteen als «romantische stedeling». Men verdedigt zijn revier, niet alleen in het bos, maar ook in het denken.
Daarbij is de hobbyjacht allang minder natuurkundig dan ideologisch. Een gesloten cirkel van rechtvaardiging, zelfbevestiging en «traditie». De eigen mythe wordt gekoesterd als een hoogzit, vastgeschroefd aan het verleden, met uitzicht op morele superioriteit.
Zo blijft uiteindelijk het gevoel iets groots te hebben gepresteerd. Een beetje avontuur, een beetje machtsgevoel, een beetje «ik doe toch iets voor de natuur». En als de ree dan hangt, wordt die gefotografeerd, gepost en gevierd, de wereld moet immers weten dat je bij de goeden hoort.
Bijzonder creatief wordt het wanneer de hobbyjagers over «noodzakelijke standsregulering» spreken, alsof de meeste diersoorten sinds miljoenen jaren alleen maar hadden gewacht tot er eindelijk een mens met examenattest en lichtgevend hesje verschijnt. De natuur heeft haar eigen reguleringssysteem: voedsel, ruimte, klimaat, ziekten en andere predatoren. Maar dit systeem heeft een nadeel: het verdeelt geen jachtpachten en kent geen onderscheidingen toe voor het overhalen van de trekker.
Dus verklaart men zichzelf zonder omhaal tot «onmisbare reguleringsmaatregel», hoewel veel populaties zich helemaal zonder kogelregen op een door leefgebied en hulpbronnen bepaald niveau instellen. Handig: eerst worden leefgebieden versnipperd, wilde dieren verstoord en gevoerd, daarna verkoopt men de zelf veroorzaakte problemen als «opdracht». Wie erop wijst dat de meeste diersoorten helemaal geen hobbybeheer met geweer nodig hebben, geldt in dit paralleluniversum niet als verlicht, maar als naïef.
LATEN WE IN CONTACT BLIJVEN!
We sturen je graag het laatste nieuws en de nieuwste aanbiedingen in de nieuwsbrief.
Steun ons werk
Met jouw donatie help je dieren te beschermen en hun stem te laten horen.
Doneer nu →